Belangrijke uitspraken over ondernemerschap bij tandartsen en waarnemers

Onlangs is er een uitspraak geweest van het Hof Arnhem-Leeuwarden over het ondernemerschap van een tandarts/waarnemer. De inspecteur stelde dat de tandarts/waarnemer geen ondernemer is voor de inkomstenbelasting en dus geen recht heeft op de zelfstandigenaftrek en de MKB-winstvrijstelling. Het leek ons goed deze case met jullie te delen: in onze praktijk komen we veel vergelijkbare situaties tegen. Als de belastingdienst je niet als ondernemer ziet, kan dat namelijk grote financiële gevolgen hebben.
 
Wat was de situatie?

De tandarts werkte in de jaren 2011, 2012 en 2013 voor één praktijk met twee praktijkhouders. Tussen de praktijkhouders en de tandarts was het volgende afgesproken:

  • de patiënten zijn van de praktijkhouder;
  • de tandarts wordt vaktechnisch verantwoordelijk, declareert via de praktijkhouder en loopt debiteurenrisico.

In de dagelijkse gang van zaken declareerde de waarnemer via de praktijk. De waarnemer deed geen investeringen van betekening en bemoeide zich ook niet met de bedrijfsvoering.

Mobiliteitsbonus voor 56-plussers

In sommige gevallen kunt u een korting krijgen op de premies voor werknemersverzekeringen, of een vrijstelling krijgen van deze premies.

Neemt u een werknemer in dienst die 56 jaar of ouder is en die tot dat moment een uitkering had? Dan kunt u misschien een mobiliteitsbonus krijgen. De voorwaarden die hiervoor gelden vindt u op Ondernemersplein.nl. U heeft ook een doelgroepverklaring nodig. In deze verklaring staat dat uw werknemer inderdaad een uitkering had op de dag vóór hij in dienst kwam. Dat kan een WW-, WAO-, WAZ-, WIA-, Wajong-, WWB-, IOAW-, IOAZ-, WIK-uitkering of een uitkering wegens betalingsonmacht zijn.

Let op: heeft u vóór 1 januari 2015 een werknemer van 50 jaar of ouder in dienst genomen? Dan kunt u hiervoor misschien ook nog een mobiliteitsbonus krijgen. U heeft hiervoor dan ook de doelgroepverklaring nodig. Heeft deze werknemer een ziekte of handicap, dan heeft u geen doelgroepverklaring van hem nodig.

Premiekorting arbeidsgehandicapte werknemer

Als u een medewerker in dienst neemt of in dienst heeft met een bepaalde arbeidshandicap, dan heeft u
mogelijk recht om de premiekorting arbeidsgehandicapten toe te passen.

Wanneer kunt u de premiekorting toepassen?

  • werknemers die door de gemeente moeten worden ondersteund bij het vinden van werk, die niet zelfstandig het wettelijk minimumloon kunnen verdienen en opgenomen zijn in het doelgroepregister;
  • werknemers met een Wiw-baan (Wet inschakeling werkzoekende) of ID-baan (In- en doorstroombaan);
  • werknemers met een Wet Wajong-uitkering en arbeidsvermogen;
  • werknemers met een WSW-indicatie.

(Voor de laatste 2 groepen werknemers gold al recht op de premiekorting.)

VAR verdwijnt en wordt vervangen door de (goedgekeurde) overeenkomst

De Eerste Kamer heeft op 2 februari 2016 het wetsvoorstel Wet Deregulering beoordeling arbeidsrelaties (Wet DBA) aangenomen. De wet treedt op 1 mei 2016 in werking. De VAR-verklaring is daardoor vanaf 1 mei 2016 niet meer geldig en de vrijwaring voor de opdrachtgever bij een door de opdrachtnemer overlegde VAR-wuo of een VAR-dga eindigt. Opdrachtgevers en opdrachtnemers kunnen in plaats van de VAR gebruik maken van overeenkomsten die door de Belastingdienst zijn beoordeeld.